Selecteer een pagina

Palestijnen vluchtelingen in Libanon

Sinds 1948 hebben in Libanon zo’n 450.000 Palestijnse vluchtelingen zich geregistreerd bij UNRWA (the United Nations Relief and Works Agency), het officiële orgaan voor het verstrekken van basisvoorzieningen aan Palestijnse vluchtelingen in Libanese vluchtelingenkampen. Een ontzagwekkend aantal vluchtelingen op een Libanese bevolking van ‘slechts’ 4,5 mln. Eerlijkheidshalve moet hierbij wel gezegd worden dat het vermoeden bestaat dat het werkelijke aantal Palestijnse vluchtelingen inmiddels beduidend lager is geworden, maar nog steeds in de boeken hoog wordt gehouden om politieke redenen zoals bijvoorbeeld het verkrijgen van fondsen vanuit de VN. Hoe belangrijk deze fondsen door de Libanese politiek worden gevonden blijkt misschien het wel het beste uit het feit dat het noemen en publiceren van lagere aantallen reden voor celstraf kan zijn.

Zo’n 53% van de Palestijnse vluchtelingen in Libanon wonen in de 12 erkende Palestijnse vluchtelingenkampen. Het overige deel leeft in zogenaamde gemeenschappen dichtbij de kampen of zijn verspreid over Libanon.

10.000 vluchtelingen leven in het meest beroemde (of beruchte) kamp: Shatila. Dit vluchtelingenkamp is in 1949 opgericht door het Rode Kruis om de vele Palestijnen te kunnen herbergen die gevlucht waren uit Noord-Palestina na de oorlog in 1948.
Shatila werd met de grond gelijk gemaakt tijdens de Israëlische invasie van Libanon in 1982 en werd regelmatig het doelwit tijdens de Libanese burgeroorlog. Nog steeds tonen veel gebouwen de kogelgaten uit die tijd. De burgeroorlog werd beëindigd, maar spanningen zijn vaak nog steeds voelbaar in Shatila. De slechte leefomstandigheden, de armoede, discriminatie, werkloosheid en de uitzichtloze situatie van veel Palestijnen maakt van Shatila een kruitvat dat constant op ontploffen lijkt te staan.

Omdat de Palestijnen feitelijk statenloos zijn, krijgen ze niet dezelfde rechten als andere buitenlanders  die wonen en werken in Libanon. Zo is bijvoorbeeld de uitoefening van veel beroepen voor hen verboden. Beroepen als arts, jurist, tandarts, accountant, ingenieur…eigenlijk al die beroepen waarvoor een hogere opleiding vereist is. Daarnaast worden ze vaak gediscrimineerd bij sollicitaties wat een hoge werkloosheid onder de Palestijnen tot gevolg heeft. Bankleningen voor bijvoorbeeld een huis zijn alleen mogelijk wanneer een Libanese inwoner garant staat. Reizen naar een ander land is vanwege hun vluchtelingenstatus eigenlijk onmogelijk.

Het resultaat van deze wettelijke beperkingen is dat na 70 jaar de 3de of soms zelfs al 4de generatie Palestijnse vluchtelingen voor een groot deel leeft in armoede, zonder werk, in kleine slecht onderhouden huizen en iedere dag opnieuw voor de uitdaging staan om genoeg voor het avondeten te kunnen verdienen. Dit maakt dat een groot deel volledig afhankelijk is van de steun van UNRWA en andere non-profit organisaties. Echter…de budgetten worden steeds kleiner en met de komst van zoveel Syrische vluchtelingen moet het geld over steeds meer mensen verdeeld worden.

Sinds de burgeroorlog in Syrië moesten ook veel Palestijnen die in Syrië toevlucht hadden gevonden, opnieuw vluchten voor het oorlogsgeweld. Velen van hen probeerden te vluchten naar Libanon. Echter, sinds augustus 2013 is het voor Palestijnen bijna onmogelijk geworden om Libanon binnen te komen. UNWRA schat dat zo’n 53.000 Palestijnen uit Syrië bij de grens zijn tegengehouden.